M is C een column van MC

Waar zal ik mijn pijlen nu eens op richten? Het Microsoft-gebeuren? Dat wordt vervelend; iedereen weet nu wel dat BG op z'n donder heeft gehad als gevolg waarvan de groep wolven steeds groter wordt. Nee dus! Het weer dan? Ook al zo eentonig want er zijn maar twee regels.

Regel 1 zegt: regent het niet hier, dan regent het wel daar.
En regel 2 zegt dat voor 'daar' moet worden gelezen 'hier'. Enfin, wij weten er alles van!

Over het in kleur scannen en printen?
Ja, sedert onze techneut Aart -en voor diegenen die nu nog niet weten wie dat dan is: Veenenbos is zijn familienaam.- ons heeft voorgerekend hoeveel geheugen een simpel plaatje wel niet kost, zijn we ons rot geschrokken -nou ja, ik dus-.

Nu heb ik ooit een opleiding in de fotografie gevolgd. Een Amerikaanse cursus, gegeven door onder ander de guru's Irving Penn en Bert Stern en een van de Haagse Kunstacademie met als leermeester Paul Huf. Vooral de laatste leerde ons in hoofdzaak de kneepjes in de studio-fotografie. Dat was mijn stiel niet want mijn interesse lag in het bewegende beeld, dat wat Amerikanen "candid" noemen, vrij vertaald 'het beeld van de verrassing, van de ongedwongenheid'.

Waar ik vooral veel over leerde was het kleurenproces van Kodak. Separeer eerst in de drie hoofdkleuren, leg die vast op zwart-witte matrixen, laat elke relief matrix zich volzuipen in een bad van de betreffende kleur en druk vervolgens dat enkele-kleurbeeld mechanisch op een basisplaat. Dat proces heette het Kodak Dye Transfer Process. Zeer arbeidsintensief en vooral heel nauwgezet werk, een halve graad verschil in temperatuur en je had kleur-randen! Later vond de concurrentie eenvoudiger methodiek maar wie superprofessioneel werk leverde, gebruikte toch dat Dye Transfer procedee omdat het 't mooiste kleurbeeld gaf met de scherpste contouren. En je kon printen op 20x24 . Inches, wel te verstaan! Als je uitging van Kodachrome 25 (jaja!), zag je geen enkele korrel terwijl er toch gauw sprake was van een 25 malige vergroting.

Hoe groot was mijn teleurstelling toen ik op een 17 inch NEC een afbeelding zag vanaf een Photo-CD; de opname was gemaakt met 200 ASA FujiColor. Indien vergroot tot maar 18x24 cm, zag je een korrel waarvan je je het apelazerus schrok, zo groot. Een lijn was geen lijn meer maar een stel 'gebroken' punten. Dots noem je dat in de computertaal, ik houd het bij mijn fotografische korrel. Technisch niet te vergelijken maar voor mij, optisch toch wel. Uiteindelijk zie je in beide gevallen een 'blob'. Wil je vanuit kleinbeeld een gedigitaliseerd beeld toch behoorlijk scherp hebben, moet je wel de Nikon Coolscan gebruiken.

Maar er zijn toch scherpe digitaliserende scanners, zegt u. Jazeker maar dat zijn dan apparaten waarvan de CCC (of CCD) chip steeds een stukje opneemt, dat doorgeeft aan het geheugen om daarna het volgende stukje te pakken. En dan praten we over apparatuur van een ton of zo. Niet die single-pass vlakbedden van zo'n 300 piekies; je vergelijkt een Polo toch ook niet met een Rolls Royce Silver Spirit. Echter, ook dan wint bij een zeer scherpe beoordeling het chemisch verkregen beeld het van de op electronische manier ontstane plaat. Net als die Spirit, die het bij het optrekken ondanks zijn grote gewicht wint van de veel lichtere Polo of Golf.

Voorlopig doe ik de opnames maar met een gewone F601 die ik al jaaaaaren heb. En ga ik sparen voor de Coolscan. En zal ik het digitale beeld -áls ik dat dan doe!- maar niet als 'main pix'gebruiken maar alleen voor het album. Zal je zeggen "daar is die Coolscan toch te duur voor". Ach ja, is zo maar ik heb nu eenmaal een hang naar kwaliteit.

groetend, Max van Loon