Director, een onmisbare applicatie

ook nu weer door Dick Tanis uitgelegd waarom

De vorige keer hebben we het Option en Command commando behandeld. Nu gaan we speciale functies van het Command-commando behandelen en gaan we een symbool op de symbolenbalk zetten met het commando DirectorIcon.

Voordat we verder gaan, herhalen we eerst even stukje van het Command-commando van de vorige keer.

De syntax van het Command-commando is:

Syntax: Command <*commando>

We plaatsen dit commando direct op de volgende regel na het Option-commando.

Met het Command-commando is het ook mogelijk om meerdere commando's achter elkaar uit te voeren. Dit doen we door tussen de commando's |M te plaatsen. Bijvoorbeeld:

Option " 832 K"

Command ChangeDynamicArea -RamFSSize 832K|MFiler_Opendir RAM::RamDisc0.$ 376 290 (op 1 regel)

Wanneer we op deze optie klikken in een menu dan wordt een Ramdisk aangemaakt van 832 kB. (1e commando) en wordt vervolgens de Ramdisk onderaan het scherm geopend (2e commando). Het is ook mogelijk om variabelen te gebruiken bij diverse Director-commando's. Een voorbeeld hiervan:

Option "Open scrapdir"

Command Filer_Opendir <Wimp$ScrapDir>

We zien dat de variabele tussen <> tekens staat. Wanneer we op deze optie in een menu klikken, wordt de Wimp-scrapmap geopend waar applicaties tijdelijke bestanden bewaren. We kunnen de optie nog beter maken door het op een andere manier doen:

Option Scrapmap -path <Wimp$Scrap>

Nu kunnen we direct via het menu in de scrapmap kijken maar pas op! De variabele wimp$scrap wordt uitgelezen wanneer het menu aangemaakt wordt (wanneer het bestand met menu-definities gestart wordt). Dit betekent dat het menu wat na het laden in het geheugen staat, niet meer de variabele maar het keiharde pad bevat naar de scrapmap. Bijvoorbeeld "ADFS::HardDisc4.$.!Boot.!Scrap. ScrapDirs". Dit betekent dat als de locatie van de scrapmap gewijzigd wordt (inhoud variabele wordt veranderd), deze niet meer naar de huidige scrapmap wijst. Dit probleem kunnen we oplossen door voor de variabele een | te zetten.

Bijvoorbeeld:

Option Scrapmap -path |<Wimp$Scrap>

Wanneer nu het menu geladen wordt, komt in het geheugen, de naam van de variabele te staan inplaats van het pad. Nu verandert het menu wel mee als de scrapmap een andere locatie krijgt. We hoeven deze methode niet toe te passen bij variabelen die bij het command-commando gebruikt worden. Deze variabelen worden pas uitgelezen wanneer het commando wordt aangeroepen. We gaan weer eens terug naar onze eigen Director applicatie die we in de eerste twee artikelen hebben aangemaakt. We gaan namelijk een symbool op de symbolenbalk zetten waar we menu's en commando's aan gaan 'hangen'. We openen weer ons menu-bestand 'Mijnmenu' via het 'Edit' sub-menu. We tikken vervolgens het volgende in voor de regel waar het menu 'Mijn menu' begint:

DirectorIcon directory -alias Werkmap -text Werkmap -menu "Mijn menu"

-select "Command:Filer_OpenDir ADFS::4.$.Werkmap"

-adjust Path:ADFS::4.$.Werkmap

We bewaren vervolgens het bestand. We openen vervolgens de hoofdmap van onze harddisk en maken vervolgens via de Filer een map aan met de naam 'Werkmap'. Vervolgens gaan we weer naar het 'Edit' sub-menu en klikken we 'Reload'. We zien nu dat na het herladen van het menu er een symbool op de symbolenbalk verschijnt. waaronder de tekst 'Werkmap' staat. Wanneer we nu met KIES op het symbool klikken, wordt het mapvenster van onze aangemaakte map getoond. Klikken we vervolgens met PASAAN dan wordt een menu getoond met de inhoud van onze werkmap. Wanneer we met MENU op het symbool klikken dan komt ons gemaakte menu weer te voorschijn. We zien dus dat we met Director heel makkelijk een werkmap kunnen aanmaken waar we snel bij kunnen komen.

Zo dit was het weer voor deze keer. De volgende keer gaan we de syntax van het DirectorIcon-commando behandelen met wat voorbeelden.

Dick Tanis (77:8500/100.4 op Aconet)

E-mail:

dtanis@dune.demon.nl (weekend)

dtanis@mail.hzeeland.nl (di-vr)