Cursus LaTeX deel 2
ook nu weer van de hand van Dick Tanis

Dit is deel 2 van de LaTeX cursus. Vandaag ga ik de commando's waar de vorige keer mee gewerkt is, een stuk uitgebreider behandelen. Verder behandel ik nog wat commando's voor het opmaken van teksten.

Ik begin met de commando's die we vorige keer gebruikt hebben om onze eerste LaTeX-document te maken. Het commando \documentclass waar het LaTeX-bestand mee begint specificeert wat voor type document je gaat schrijven. De syntax is als volgt:

\documentclass[opties]{klasse}

De klasse specificeert het type document dat je wilt schrijven. De volgende document- klassen zijn mogelijk:

Met de opties parameter kan je de algemene opmaak van het document instellen. Deze opties moeten worden gescheiden door komma's. De volgende opties kunnen gebruikt worden:

Een LaTeX-doc zou bijvoorbeeld kunnen beginnen met:

\documentclass[11pt,twoside,a4paper]{article}

LaTeX weet nu dat dit document de opmaak van een dubbelzijdig artikel moet hebben met een standaard lettergrootte van 11pt afgedrukt op A4.

Aangezien je met standaard LaTeX niet alles kan doen, heb je extra pakketten nodig. Bijvoorbeeld als je afbeeldingen of gekleurde tekst in je document wilt hebben zal je pakketten moeten laden die deze functionaliteit aan LaTeX toevoegen. Dit kan je doen met het volgende commando:

\usepackage[opties]{pakket}

Pakket is de naam van het pakket en de opties parameter stelt bepaalde opties van het desbetreffende pakket in. Een heleboel van deze pakketten zitten in de standaard distributie van LaTeX. Ook armTeX voor RISC OS bevat de meeste standaard pakketten. Het is ook mogelijk om zelf een pakket te schrijven maar hier ga ik in deze cursus niet op in.

Nu ga ik wat commando's behandelen die met de opmaak van de tekst te maken hebben. Het is belangrijk te weten dat LaTeX probeert je tekst zo optimaal mogelijk uitgevuld weer te geven door ruimtes tussen woorden te optimaliseren en regels/woorden af te breken. Mocht LaTeX de tekst toch niet helemaal opmaken zoals je het bedoeld had, dan zijn hier wat handige commando's .

\\ of \newline

Dit commando zorgt dat LaTeX op een nieuwe regel begint.

\\*

Voorkomt dat een nieuwe pagina wordt gestart na een nieuwe regel.

\newpage

Start een nieuwe pagina.

\linebreak[n], \nolinebreak[n], \pagebreak[n],
en \nopagebreak[n]

Hiermee kan je zoals je hebt gezien regels wel/niet afbreken of een nieuwe pagina forceren of juist voorkomen. Het verschil met de net eerder behandelde commando's is dat LaTeX toch probeert de tekst op
de meest optimale manier op te maken en daardoor het commando kan negeren. Met de optionele n­waarde, die tussen 0 en 4 kan liggen, stel je de prioriteit van het commando in. Tussen de 0-3 is het mogelijk dat LaTeX je commando uiteindelijk toch negeert.

Dus als je bijvoorbeeld tekst op een nieuwe pagina moet beginnen gebruik dan \newline of \\.

Mocht LaTeX het uiteindelijk niet lukken om je tekst op de meest optimale manier af te breken dan zal er in het DVI-bestand een regel ver naar rechts uitsteken en je krijgt tijdens het verwerken van je tekst een waarschuwing dat de 'hbox' overloopt. Dat gebeurt vaak als LaTeX niet precies weet op welke plaats hij een woord moet afbreken. Dit is op te lossen door gebruik te maken van het \sloppy commando. Dit commando zorgt dat overvolle regels worden afgebroken door de ruimtes tussen woorden groter te maken. Meestal levert dat een slecht resultaat op omdat er teveel ruimtes tussen de woorden komen. Je krijgt dan last an lege wit-ruimtes, de zogenaamde riviertjes. Met het commando \fussy breng je LaTeX weer terug in de meest optimale stand om regels af te breken.

LaTeX breekt woorden automatisch af wanneer dit nodig is maar mocht het afbreek-algoritme niet goed werken dan kan je nog altijd zelf ingrijpen om LaTeX te vertellen hoe het woord wèl afgebroken moet worden. Dit kan met het volgende commando:

\hyphenation{woordenlijst}

In woordenlijst zet je de woorden die afgebroken moeten worden. Bij elke lettergreep waar je LaTeX wil laten afbreken zet je een "-" en deze woorden mogen geen speciale karakters bevatten die niet normaal in woorden worden gebruikt. De toegevoegde 'hints' worden door LaTeX gebruikt voor de taal die op dat moment actief is. Dit betekent als je dit commando gebruikt in het inleidende gedeelte van het document, alleen de Engelse taal beïnvloed wordt met de toegevoegde afbrekingen. Als je dit commando plaatst na \begin{document} en je gebruikt het taal-pakket zoals babel en je activeert bv. Nederlands dan zal LaTeX alleen voor het Nederlands de 'hints' gebruiken.

Stel je wilt dat het woord "Asterisk" niet meer afgebroken wordt en dat woord "afbrekingen" juist wel afgebroken moet worden dan doe je dit als volgt:

\hyphenation{Asterisk af-bre-king-en}

Het is ook mogelijk om meteen in de tekst aan te geven hoe een woord afgebroken moet worden. Dit doe je met \-. Dit commando is erg handig voor woorden die speciale karakters (zoals accenten etc.) bevatten want LaTeX breekt namelijk deze woorden nooit af.

Zoals kaptitein Haddock van Kuifje altijd zegt: Drie\-dub\bel\-o\-ver\-ge\-haal\-de\-zee\kak\-ke\-lou\-bus\-jes

Verder heb je nog \mbox{tekst} waarmee de tekst die tussen de accolades staat in alle gevallen bij elkaar wordt gehouden. \fbox{tekst} doet hetzelfde maar zet er nog een zichtbaar kader omheen.

Zo dit was het weer voor deze keer. De volgende keer behandel ik wat speciale tekststrings, speciale karakters en symbolen. En ga ik in op de structuren die een LaTeX-doc allemaal kan bevatten zoals hoofdstukken, paragrafen etc.

Als je enige vragen of opmerkingen dan kan je me bereiken op onderstaand e-mailadres:

dtanis@student.ru.nl

Dick Tanis